FEM interviewt… Thérèse Knoop van De Keuken van Tante Cake

Ze is de mede-eigenaar en -oprichter van de knusse taartenboetiek en kookwinkel “De Keuken van Tante Cake” en vindt het niet erg om hard te werken. In FEM’s interview vertelt ze meer over het ontstaan van Tante Cake en wat haar winkel tot een succes maakt.

Thérèse Knoop (links) en mede-eigenaar Els Kerkhoven (rechts)

Hoe ontstond het idee voor een eigen winkel?

“Vroeger bakte ik al taarten en cakes, terwijl ik dat helemaal niet van huis uit had meegekregen. M’n moeder bestelde vroeger voor onze verjaardagen de lekkerste cakes bij Bakkerij De Groot, voor vijf gulden. Als heel klein meisje zag ik de bakker dan bezig met slagroom spuiten en cakes snijden… Dat wilde ik ook.”

Later, als ze op haar 18e met haar vriend in Parijs is, wordt die droom iets concreter. “We stapten een ‘salon de thé’ binnen, het was een soort huiskamer in het midden van Parijs. Ik vond de combinatie van taarten en thee zo simpel en zo leuk. Dát zou ik willen, dacht ik.”

Maar Thérèse was net begonnen met werken in het ziekenhuis.
“Dat was ook leuk. Die andere droom verbande ik. Eerst werkte ik vier dagen in het ziekenhuis en dat breidde zich uit naar vijf. Ik werd coach van het team; dat was een leuke uitdaging. Toen ik kinderen kreeg, ging ik tijdelijk twee dagen werken. Maar toen de jongste naar school ging, wilde ik weer meer uitdaging. Ik maakte gebruik van de loopbaancoaching die het ziekenhuis aanbood.”

Maar net na één afspraak volgde een grote klap: onverwachts wilde haar man een scheiding.

Tante Cake

De afspraken met de loopbaancoach die volgden, gingen vooral daarover. Na een paar keer vroeg ze: “Wat zou jij nu willen?” Ik antwoordde dat ik alleen nog maar taarten wilde bakken.” Haar coach sloeg met de vuist op tafel en zei “en dat ga je doen!” Ze moedigde Thérèse aan om de eerste stappen te zetten. Een vriendin van haar loopbaancoach was goed met websites, dus daar begon ze mee. Ondertussen bleef ze werken in het ziekenhuis. Over de naam hoefde ze niet lang na te denken. “Omdat ik altijd wel cake in huis had, noemde mijn neefje me Tante Cake. Dat moest het worden.”

Via via kon ze bij een B&B terecht om taartenworkshops te geven. Verder bakte ze vanuit huis. “Toen ik op mezelf ging wonen met de kids, wilde ik van de huidige schuur een bakhuisje maken. Eerst werd daar denigrerend op gereageerd door mijn omgeving. Maar toen mijn broer doorkreeg dat ik het meende, heeft hij de hele schuur geïsoleerd en de leidingen gelegd; alles wat nodig was om daar taarten te kunnen bakken. De vrouw die mijn website had opgezet, ontwierp mijn visitekaartjes. Overal bracht ik kaartjes rond.” Doordat ze veel netwerkte, werd ze gevraagd om appeltaarten te leveren aan Mariënberg (restaurant in IJsselstein) en bruidstaarten aan Kasteel de Haar. Bianca, haar zus, was haar rechterhand.

Het brandspuithuisje

Het brandspuithuisje in IJsselstein

Het leegstaande brandspuithuisje in IJsselstein deed haar denken aan de salon de thé in Parijs. Ze ontdekte dat het bedoeld was voor een groepje zzp’ers en sloot zich bij hen aan. Nadat ze het huisje had gepimpt, huurde ze het elke vrijdag en zaterdagochtend. Nog steeds bakkend vanuit huis, bracht ze de taarten met de bolderkar naar het brandspuithuisje.

“Dat heb ik twee jaar met Bianca gedaan. Ik kreeg meer bekendheid. Niemand hield me meer tegen.”

Een eigen winkel

Thérèse leerde Els – inmiddels mede-eigenaar – kennen via een afhaalpunt van haar taarten. De wederzijdse klik was zo goed, dat Thérèse voorstelde langs een leegstaand pandje te gaan. Ook al kenden ze elkaar nog maar net, toen ze dat pandje samen bekeken, wisten ze al dat ze daar hun winkel zouden beginnen. De dag erna spraken ze hun financiën door en in een paar dagen tijd besloten ze het pand te gaan huren. “Vanaf het begin hadden we aan een half woord genoeg.” Toen ze de winkel net twee jaar hadden, kwam er een groter pand in dezelfde straat vrij. “We wisten dat we groter moesten om meer omzet te maken.” Inmiddels zit De Keuken van Tante Cake al 2,5 jaar in het grotere pand.

Wat hoop je met De Keuken van Tante Cake te bereiken?

“Als ik heel diep in m’n hart kijk, wil ik nog wel een stapje verder. Grotere horeca, een lopend buffet met allemaal taarten, meer olie, alles beter neerzetten… Ik hoop dat dat over twee jaar kan. Stiekem ben ik al dingen aan het verzamelen.”

Wat betreft de klanten bereikt ze al wat ze wil: “Ik vind het belangrijk dat mensen een lekker gevoel hebben als ze de winkel binnen lopen. Er was ooit een oud mannetje die lekker rond liep te snuffelen en een dun borsteltje vond die perfect was voor het schoonmaken van zijn douche. Helemaal tevreden zei hij: “Mevrouw, dit is de enige goede winkel in IJsselstein.” Ik vond het zo leuk dat hij blij was met zoiets kleins.”

Elke dag zijn er klanten die blij worden van de winkel. “Dat gevoel willen we wel houden. Het maakt ook dat ons werk niet voelt als werk.”

Wat vind je het leukst aan zelfstandig ondernemer zijn en wat vind je er juist moeilijk aan?

“Het leukste is dat het van jezelf is. Niemand zegt je wat je moet doen, je kunt je eigen hart en plan volgen. In het ziekenhuis werd ik op het matje geroepen als ik vijf minuten te laat was, hier is dat niet zo. Het is altijd gezellig en ik kan mezelf zijn. Het moeilijke is de financiële kant en de verantwoordelijkheid. Je moet ervoor zorgen dat de huur elke maand wordt betaald en de salarissen ook.”

Hoe kijk je aan tegen je werk-privé balans?

“In het begin was het heftig, ik was dag en nacht bezig. Tot 3 uur ’s nachts bakte ik 200 muffins en dan ging ik om 7.30 weer de deur uit richting het ziekenhuis. Sinds ik de winkel heb, bak ik niet meer thuis. De administratie en bestellingen doe ik nog wel vanuit huis, maar dat voelt niet echt als werk. Ik kan me ook echt verheugen op bestellingen die ik doe.” Omdat ze een druk gezin heeft, vindt ze het juist fijn om regelmatig in de winkel te zijn. “Dit ben ik, dit is mijn ding, mijn hobby. Ik kan geen dag zonder bakken.”

“Tot 3 uur ’s nachts bakte ik 200 muffins en dan ging ik om 7.30 weer de deur uit…”

Op een vrije dag gaat ze het liefst lekker met haar dochter of met de honden wandelen. “Meestal ben ik nu maandag en woensdag- en donderdagmiddag vrij. Om de zaterdag probeer ik ook vrij te zijn, maar dat lukt nu nog niet. Het zou wel beter zijn voor de werk-privé balans.”

Heb je het idee dat je harder moet werken om je te bewijzen, omdat je een vrouw bent?

“In eerste instantie wilde ik hier nee op antwoorden. Maar nu ik er wat langer over nadenk, denk ik toch van wel. Toen ik begon met ondernemen reageerde m’n omgeving remmend met “dat zou ik niet doen, daar kun je niet van leven…” Mannen willen cijfers zien, die kijken vooral naar de financiën. Ik merk dat ik niet snel serieus wordt genomen. Toen ik stopte bij het ziekenhuis, kwamen collega’s hier afscheid nemen. Pas toen ze de winkel zagen waren ze onder de indruk.”

Wat zou je anderen die ook de droom hebben om hun eigen winkel te beginnen aanraden?

“Heel veel mensen komen dat vragen. Het belangrijkste is dat je er 300% achter staat. Je moet bijna een soort gek zijn, zeg ik altijd. Je moet het écht willen en je niet te veel laten beïnvloeden door je omgeving. Proberen is geen optie, je moet het gewoon doen. En blijven doen. Je moet bereid zijn om dingen op te geven.

“Het belangrijkste is dat je er 300% achter staat.”

Ze vult aan: “Alleen had ik het niet gedaan, niet gered. Els en ik vullen elkaar aan, we doen hele verschillende dingen. Zij kan bijvoorbeeld heel goed schrijven – en schreef een heel goed ondernemersplan – en ik kan goed bakken. Er zijn ook taken waarin we elkaar afwisselen, het is fijn dat je niet alles alleen hoeft te dragen. Ook is het belangrijk om oplossingsgericht en positief te denken. Als iets niet lukt, vragen we ons meteen af “hoe kunnen we ervoor zorgen dat het wel lukt?””

Wat zijn jouw verdere dromen?

“Ik droom van een grotere winkel. Daarbij wil ik toch iets meer vrij zijn en het juiste personeel hebben. Het lijkt me leuk om iets meer sturend te zijn.” Ze wijst naar twee schilderijen van de domtoren die aan de muur hangen. “Eigenlijk willen we gewoon in Utrecht zitten.” Verder dromend zegt ze: “Of dat we een franchise worden en dat er ketens in andere steden door Nederland komen. Maar ergens ben ik dan ook weer bang dat het toch als werken gaat voelen.”

Wil je nog iets kwijt aan de FEM lezers?

“Blijf op het pad gaan van wat jij wilt en laat je niet door anderen of situaties van de wijs brengen. Ook al ga je onderuit, daar wordt je wijzer van.”

Afbeelding met binnen, muur, kamer, vloer

Automatisch gegenereerde beschrijving
Een van Tante Cake’s zitplekjes

Trek gekregen van dit interview? Kom lekker genieten van een red velvet taartje, een speltmuffin of een Italiaanse chocoladetaart… En daar serveren ze de beste koffie en heerlijke verse theetjes bij. Daarna kun je eindeloos rondsnuffelen tussen de hippe kook- en bakspullen, met een collectie die voortdurend verandert.

De horeca is wegens de corona-crisis tijdelijk gesloten, maar koffie en taart to go kan wel!

Meer informatie op http://dekeukenvantantecake.nl/

Eén reactie

  1. Mooi artikel over mensen met een passie voor hetgeen ze doen. Passie is volgens mij één van de peilers om een succesvolle carriere of iets anders uit te werken, want je kan natuurlijk ook een passie en gedrevenheid in je hobby hebben, en laat dat juist een dunne lijn zijn in hetgeen sommige mensen doen.
    Van hun hobby hun werk maken 😉

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s